Tekst:
D.A.J. (Derk) Coppens
Tijdelijk verhuur van woonruimte
De economische crisis heeft zijn uitwerking op vele terreinen. De woningmarkt is een gebied waarop de effecten van de crisis al merkbaar zijn. De situatie op de woningmarkt wordt volgens het kabinet gekenschetst door een stagnerende bouwproductie en een gebrekkige doorstroming. Het gemorrel aan de hypotheekrenteaftrek zal de doorstroming waarschijnlijk niet verbeteren. Een huiseigenaar merkt het directe gevolg pas wanneer hij zijn huis wil verkopen:het is tegenwoordig geen uitzondering meer dat dit lang duurt. In de praktijk is er daarom een toenemende behoefte om woningen tijdelijk te verhuren. Echter, door de verregaande bescherming van de huurder is tijdelijk verhuur van woonruimte geen sinecure.
Mogelijkheden
Degene die zijn woning tijdelijk wil verhuren, heeft een drietal mogelijkheden: een huurovereenkomst voor bepaalde tijd, een huurovereenkomst die naar zijn aard voor korte duur is of tijdelijk verhuur door gebruikmaking van de Leegstandswet. Een huurovereenkomst voor bepaalde tijd en een huurovereenkomst die naar zijn aard van korte duur is, zijn geen synoniemen. Ook met een huurovereenkomst voor bepaalde tijd komt een huurder een beroep op huurbescherming toe, hetgeen inhoudt dat de huurovereenkomst dient te worden opgezegd door de verhuurder; ook wanneer deze overeenkomst voor bepaalde tijd is aangegaan. Wanneer de huurder niet instemt met het einde van de huur, moet de verhuurder alsnog beëindiging van de huurovereenkomst afdwingen bij de kantonrechter. De kantonrechter kan de vordering tot beëindiging van de huur slechts op een limitatief aantal gronden toewijzen; verkoop van de woning vrij van huur is er daar geen van. De kantonrechter beëindigt de overeenkomst dan niet en de huurder kan dus blijven zitten! Een huurovereenkomst voor bepaalde tijd is enkel aantrekkelijk in gevallen waarin een woning eigenaar tijdelijk vertrekt en daarna zèlf in de woning wil terugkeren (een zogenoemde 'diplomatenclausule'). In het geval van een huurovereenkomst die naar zijn aard van korte duur is, komt de huurder geen beroep op huurbescherming toe. In de jurisprudentie past men deze bepaling echter zeer terughoudend toe. Beslissend is niet of korte duur is overeengekomen, maar of het gebruik naar zijn aard van korte duur is. Het behoeft geen betoog dat deze formulering zeer regelmatig discussie opwekt. Een uitgebreide en ondubbelzinnige formulering van de bedoeling van beide partijen is in de huurovereenkomst daarom noodzakelijk. Ook de Leegstandswet voorziet in de mogelijkheid om leegstaande woningen tijdelijk te verhuren, waarbij de huurbeschermingsbepalingen niet van toepassing zijn. Voor tijdelijk verhuur op grond van de Leegstandswet is een vergunning nodig van de gemeente waarin de woonruimte ligt. De vergunning geldt in eerste instantie voor maximaal 2 jaar. Momenteel werkt men - indachtig de situatie op de woningmarkt - aan een versoepeling van de Leegstandswet.
Deskundige
Wanneer men een woning tijdelijk verhuurt en hierover geen deugdelijke afspraken worden gemaakt, bestaat het risico dat de huurder toch huurbescherming geniet. De huurovereenkomst kan dan niet zomaar worden beëindigd, met alle negatieve gevolgen bij een mogelijke verkoop van dien. Ook de positie van de hypotheekverstrekker en mogelijke fiscale gevolgen van de verhuur verdienen de aandacht. Raadpleeg daarom bij het sluiten van een huurovereenkomst van korte duur of voor bepaalde tijd een deskundige.
Klik hier om het artikel te downloaden .